Alex Klaasen Showponies

Zweetspetters - Repeteren met Alex Klaasen

Bij het grote publiek is hij vooral bekend van Gooische Vrouwen en Wie is de Mol?, maar Alex Klaasen komt pas écht goed tot zijn recht in het theater. Gekke typetjes, sketches en prachtige liedjes schudt hij zo uit zijn mouw. Vanaf eind februari staat hij in het theater met zijn nieuwe voorstelling Showponies. Wij spieken alvast bij een repetitie (en hopen stiekem op ladingen pracht en praal).

Tekst Tommie Luyben

Klappen van de zweep

Glitters, veren en het gehoopte kitsch-sausje zijn echter nergens te bekennen als we aanbellen bij de Moves Studio’s in Amsterdam. Het pand is omsingeld door onbeduidende industriële bouwsels, autowegen en spoorbanen. Onderweldigend. Maar zodra Esther, de dame van de PR, beladen met een bos zweepjes de hoek om komt, vermoeden dat het wel snor zit: hier gaat zo dadelijk de zweep over. Letterlijk.

Verkleden is het allerleukst

Het repetitielokaal - met achterin een bescheiden showtrap - is inderdaad alles wat je van een Alex Klaasen-voorstelling verwacht. De zijkant van de ruimte is bezaaid met rekwisieten en kostuums: stok- en hobbelpaarden, muziekstandaards, jaren 80-jekkertjes, veel luipaardprints, dekbedjassen (kleed lekker af, zo’n Michelinman-figuur) en gouden hakken. De leading gentleman van Showponies, Alex Klaasen, verraadt: ‘Verkleden, sketches, liedjes en dansjes; dat vind ik het allerleukst.’ Geen wonder dus zijn nieuwe voorstelling een revue is. ‘Musical, toneel, film, cabaret; ik heb alles gedaan, maar altijd mis ik wat. Bij een revue komt alles wat ik leuk vind samen. En het is nu ook wel klaar met die rauwe, cynische voorstellingen. Ik wil mensen laten genieten en lachen, wat trouwens niet betekent dat ’t een avond vol inhoudsloos entertainment wordt.’

In je uppie backstage

Onze blik valt op de promotiefoto. Klaasen lijkt een strippenkaart te hebben op koddige posters, zoals die van zijn soloprogramma Eindelijk alleen, met een zwangere buik. En op de poster van Showponies pronkt hij met tutu, gele bril en een kapsel die de Dolly Dots had doen kwijlen. We vermoeden dat zijn nieuwe show wederom overgoten is met Alex Klaasen-jus. Toch is er een groot verschil voor hem. ‘Die solovoorstelling was best eenzaam’, vertelt hij. ‘Dan toerde ik enkel met een technicus en die moest dan een kwartier voor aanvang de zaal in. Zat ik daar backstage, in mijn eentje. En in je uppie anderhalf uur lang verantwoordelijk zijn voor de lol van zo’n duizend mensen vond ik heel heftig. Veel gezelliger is het om samen te spelen en dan naderhand in de bus nog met z’n allen wat te klooien.’ Dus dit keer is hij omringd door een bont gezelschap. Spettert des te meer van de bühne.

Pavarotti

Een groot deel van dat gezelschap, waaronder Jip Smit en Daniel Cornelissen, heeft een middagje vrij. Alex werkt, onder leiding van choreograaf Daan Wijnands (die nét niet met zijn bol tegen het lage plafond knalt) met drie van zijn trawanten aan een operanummer. Het onderwerp? Grindr, de datingapp voor homo’s. Termen als ‘blote lul’ en ‘tepelklemmen’ vliegen ons om de oren, terwijl Freek Bartels (met ongeschoren kaken en oorbel nét een ruige matroos), Stef van Gelder (die vergat het kleingeld uit zijn broekzak te halen en rinkelt als een arrenslee) en krullenbol Roman Brasser om Alex heen trippelen. Zingen kunnen ze wel - meerstemmigheid die klinkt als een carillon - maar de heren dansen ook zeker niet onverdienstelijk. Ze zwaaien lustig met zakdoeken, rennen verwoed heen en weer met muziekstandaards en schuren - incluis lonkende blik - dicht tegen Alex aan, die het ene moment rappe tongbrekers uitspuwt en het andere aria’s brult als een ware Pavarotti. Een moderne aria, dat wel, want wanneer Klaasen in de sketch zijn ware liefde zoekt op Grindr, wordt hij enkel bestookt met prenten van het mannelijk lid. Hij prefereert echter een échte jongeheer.

Kwaad

Naast Grindr - de opera zitten er meer sketches in Showponies waarin homoseksualiteit een rol speelt. Klaasen: ‘Blijkbaar vind ik het daar nu tijd voor om het erover te hebben. Ik maak me ook kwader over dingen. Als er iets in het nieuws gebeurt, houd ik me daar veel meer mee bezig dan vroeger. Niet dat ik gelijk vooraan op de barricade sta, maar ik denk dat je door middel van sketches en liedjes wel mensen anders naar dingen kunt laten kijken.’

Tien voor inzet

De Grindr-sketch is zo goed als af. Choreograaf Daan wil nog één keer van begin tot einde het hele nummer zien. Regie-assistent Esther (niet te verwarren met de zweepjes-Esther) start de muziek op haar laptop en al snel schalt Alex’ krachtige stemgeluid op onze trommelvliezen. Regisseur Gijs de Lange kijkt geamuseerd toe vanachter zijn met lege flesjes en post-its bezaaide tafel en beide Esthers gniffelen te pas en te onpas. Alhoewel de spelers een tien krijgen voor inzet (de zweetspetters vliegen in het rond), helemaal vlekkeloos gaat het nog niet. Toch is Daan tevreden en blij: het nummer staat in de grondverf.

Geheime outfit

Alhoewel de show niet daadwerkelijk over pony’s en paarden gaat (‘dat denkt iedereen’), zijn we tóch benieuwd naar de titel. Een showpony is immers iemand die pronkt met wat hij heeft. Net als Klaasen zelf? ’Ja, ik ben iemand die graag pruiken, hoeden en brillen op zet en gekke typetjes speelt. Alhoewel dat soms ook vervelend is,’ zucht Klaasen. ‘Op feestjes zeggen mensen: “Oh, Alex! Doe nog even dat en dat typetje.” Dan voel ik me net een showpony.’

Prikjes

De repetitie is ten einde en iedereen zoeft naar huis. Wij grijpen de nog nazwetende Klaasen bij de arm voor een laatste quote. ’In de dingen die ik maak, vind ik het leuk om mensen tussen de regels door prikjes te geven, zodat ze ruzie krijgen met hun eigen gevoel.’ Hij besluit: ‘Het mooie is als het publiek dingen heel grappig vindt, maar tegelijkertijd ook pijnlijk. Dat de mensen niet meer snappen waarom ze nou lachen. Dát vind ik prachtig.’

Luxepaard of een werkpaard?

‘Ik ben met mijn werk getrouwd, dus in dat opzicht een werkpaard. Maar eigenlijk ben ik gewoon een luxepaardje. Ik zou nóóit in een tentje op de camping gaan staan, want ik hou veel te veel van luxe. Tja, sommige mensen hebben dat gewoon.’

Geloof je in een prins op het witte paard?

‘Ja, maar ik heb hem nog niet gevonden. Misschien moet ik iets vaker bij de manege rondhangen.’

Paardengek?

‘Absoluut niet. Ik heb nog nooit paardgereden en zal dat ook nooit doen. Als kind was ik al doodsbang voor alle dieren. Vroeger moesten mijn ouders mij eens van straat halen, omdat ik verstijfd was van angst omdat een kat naar me blies. Vissen, vogels, voor alle dieren ben ik bang. Dus een huisdier… mij niet gezien.’

Verschenen in Theatermagazine Scènes februari 2018

Meer weten